Auteur: Connie

Speerpunten Constructieve veiligheid uitgelicht

De werkgroep Constructieve veiligheid heeft afgelopen periode gewerkt aan het concretiseren en verduidelijken van rolbeschrijvingen en het monitoren van rollen in de praktijk. We geven je hierbij een update. 

De rolbeschrijving van de Coördinerend Constructeur (CC) is geconcretiseerd. Om zijn eindverantwoordelijkheid voor de constructieve veiligheid adequaat in te kunnen vullen, zijn drie onderwerpen van belang:

  • Het mandaat van de CC, onder andere bij de selectie van deelconstructeurs
  • De aansprakelijkheid die hierbij hoort
  • De gevolgen hiervan voor de verzekerbaarheid

Deze onderwerpen zijn niet alleen het domein van de constructeur, maar hebben ook raakvlakken met de opdrachtgever en de aannemer. Daarom verkennen we samen met werkgroepen van de andere thema’s wat mogelijk en nodig is om tot brede implementatie in projecten te komen.

De taakverdeling tussen de Coördinerend Constructeur en de Engineeringscoördinator zijn verduidelijkt. Daarnaast draagt de werkgroep inhoudelijk bij aan de taakgroep van het Kennisportaal Constructieve Veiligheid die de taken en verantwoordelijkheden van de deelconstructeurs uitwerkt.

Aan hand van interviews over een aantal projecten brengen we in kaart hoe veiligheid contractueel is geregeld, welke resultaten dit oplevert voor de constructieve veiligheid en welke knelpunten bij de invoering worden gesignaleerd. De resultaten worden gebruikt voor aanvulling of bijsturing van het programma vanaf 2027.

De werkgroep draagt tot slot inhoudelijk bij aan de herziening van de BRL 5022, de certificatieregeling voor de Coördinerend Constructeur die gebaseerd is op de rolbeschrijving van het programma. De geactualiseerde versie van de BRL wordt eind 2026 verwacht.

Toelichting op essentie Regie op veiligheid

Om het proces van Regie op veiligheid beter uit te kunnen leggen en om te duiden hoe de verschillende rollen van regie op veiligheid in het bouwproces staan, is een illustratie gemaakt over de essentie van regie op veiligheid. We lichten de illustratie hier toe. 

De centrale rol van de opdrachtgever

De opdrachtgever heeft een centrale rol in het bouwproces. Zij is de initiator van het bouwwerk, de opdrachtgever van het ontwerp en de bouw en vaak ook de eigenaar en/of beheerder van het bouwwerk. De opdrachtgever staat daarom centraal in de illustratie als eigenaar van dit proces.

Integrale sturing

De essentie van Regie op veiligheid is het grip houden op alle veiligheidsdomeinen in alle fases van een project. De verschillende fases zijn daarom als een cirkel rondom de opdrachtgever getekend, van initiatief- tot gebruiksfase. In het midden staat de Regievoerder Veiligheid (RV) die namens de opdrachtgever in de verschillende fases toeziet dat met de verschillende opdrachtnemers de veiligheidsdomeinen worden beschouwd. In de verschillende fases is dat namens de opdrachtgever altijd dezelfde rol.

Regie in elke fase

In de illustratie is expliciet de relatie gelegd tussen de Regievoerder Veiligheid (RV) (opdrachtgever) en het Veiligheidsaanspreekpunt (VA) (Opdrachtnemers). Doel hiervan is te benadrukken dat de Regievoerder Veiligheid voor het project/object steeds dezelfde rol heeft, maar dat in verschillende fases steeds weer andere opdrachtnemende partijen betrokken zijn met elk hun eigen Veiligheidsaanspreekpunt. Het Veiligheidsaanspreekpunt heeft als taak de verschillende veiligheidsdomeinen binnen het eigen projectteam af te stemmen. Er kunnen afhankelijk van het project dus meerdere partijen en Veiligheidsaanspreekpunten zijn.

Warme overdracht

In de illustratie hebben we ook de warme overdracht expliciet gemaakt; het moment om in de faseovergang van het project de informatie over veiligheid goed over te dragen en toe te lichten. Met de warme overdracht voorkomen we dat essentiële veiligheidsinformatie wordt vergeten of wordt gemist. De opdrachtgever is verantwoordelijk voor het organiseren van deze warme overdracht.

De Chief Safety Officer

In elk project zorgen de Regievoerder Veiligheid en de Veiligheidsaanspreekpunten van de verschillende opdrachtnemende partijen voor het borgen van de integrale sturing op de veiligheidsthema’s. In de illustratie hebben we op de achtergrond ook de Chief Safety Officer (CSO) expliciet een plek gegeven. De CSO staat op de achtergrond omdat deze een rol in elke moederorganisatie heeft voor kennisopbouw over veiligheid. De CSO kan bij een project betrokken worden als escalatieniveau. CSO’s staan dus wel degelijk achter de Regievoerder Veiligheid en het Veiligheidsaanspreekpunt om te ondersteunen bij dilemma’s of om keuzes in het kader van veiligheid te bekrachtigen.

Laat ons vooral via info@veiligheidindebouw.nu weten als je deze logica wil toetsen in een praktijkcasus.

Werkgroep Lerend Vermogen brengt theorie naar de praktijk

Binnen het programma Veiligheid in de Bouw wordt volop gewerkt aan het versterken van het lerend vermogen van onze sector. De werkgroep bestaat uit vertegenwoordigers vanuit de gehele ontwerp-, bouw- en technieksector. Samen onderzoeken we hoe lessen uit incidenten, ongevallen en goede praktijkvoorbeelden niet alleen worden verzameld, maar vooral ook leiden tot aantoonbare verbeteringen op project-, organisatie- en sectorniveau.

De afgelopen periode heeft de werkgroep Lerend Vermogen een belangrijke stap gezet: inventarisatie van wat er al is en dit gebruiken voor het vertalen van het theoretische leermodel uit het oorspronkelijke rapport naar een praktisch toepasbare aanpak voor de dagelijkse bouwpraktijk.

Inventariseren wat er al is

Een belangrijke stap in de aanpak is het in kaart brengen van hoe leren en verbeteren nu al zijn georganiseerd binnen de sector. Daarbij kijkt de werkgroep niet alleen naar losse instrumenten, maar naar het volledige bouwproces: van initiatief en ontwerp tot werkvoorbereiding, uitvoering, oplevering en beheer.

Per fase brengen we in beeld welke momenten, processen en hulpmiddelen kunnen bijdragen aan het leren van incidenten, afwijkingen, successen en goede praktijkvoorbeelden. Denk hierbij aan instrumenten zoals V&G-plannen, project-RI&E’s, ontwerp- en uitvoeringsreviews, gezamenlijke kick-offs, startwerkbesprekingen, toolboxen, werkplekinspecties, veiligheidsdialogen, evaluaties, incident- en bijna-ongevallenanalyses, audits en kennisbanken. Daarnaast kijken we hoe deze instrumenten elkaar versterken en hoe lessen uit projecten beter kunnen doorstromen naar organisatieniveau en uiteindelijk naar de sector als geheel.

Door deze inventarisatie ontstaat inzicht in waar leren al goed is georganiseerd, waar kennis verloren gaat en waar aanvullende interventies nodig zijn. Doel is niet om nieuwe systemen naast bestaande processen te zetten, maar juist om bestaande werkwijzen beter met elkaar te verbinden en effectiever te benutten. Op basis van deze inventarisatie selecteert de werkgroep kansrijke interventies en instrumenten die kunnen bijdragen aan een sterker lerend vermogen op project-, organisatie- en sectorniveau.

Toetsen in de praktijk

Een model is pas waardevol als het ook werkt in het ontwerpproces en op de bouwplaats. Daarom gaat de werkgroep de ontwikkelde aanpak toetsen aan de hand van twee tot drie praktijkcases. Hiermee willen we onderzoeken hoe lessen uit projecten beter kunnen worden vastgelegd, gedeeld en omgezet in concrete verbeteringen voor de sector. Ook wordt gekeken hoe opgedane kennis duurzaam kan worden geborgd, zodat dezelfde fouten niet steeds opnieuw worden gemaakt.

Aan de slag met twee concrete veiligheidsrisico’s

Het programma Veiligheid in de Bouw werkt naast het ontwikkelen van het leermodel met initiatiefnemers van het programma samen om concrete lessons learned verder te brengen en daarmee invulling te geven aan het model van lerend vermogen. Zo werken we in samenwerking met andere branches en aannemers aan actuele veiligheidsvraagstukken waar branchepartijen gezamenlijk de lessons learned, praktijkervaringen en de stand der techniek verder willen brengen:

  • Aanrijdreductie in het werkvak, met als doel te komen tot breed gedragen oplossingen en verdere standaardisatie van maatregelen en technologieën die aanrijdingen helpen voorkomen. Lees hier het verslag van het symposium Samen versnellen naar nul aanrijdingen.
  • Veilig transport, opslag en hijsen van gevelpanelen en gevelelementen, waarbij sectorpartijen gaan werken aan praktische richtlijnen, checklists en hulpmiddelen om ernstige incidenten met gevelpanelen en transportbokken te voorkomen.

Samen bouwen aan een lerende sector

Met deze activiteiten werkt het programma Veiligheid in de Bouw aan een sector waarin leren van ervaringen vanzelfsprekend wordt. Niet door steeds nieuwe regels te maken, maar door bestaande kennis beter te benutten, succesvolle aanpakken te delen en gezamenlijk te zorgen dat lessen uit het verleden leiden tot veiliger werken in de toekomst. Daarmee zetten we concrete stappen van een schuldcultuur naar een leercultuur en bouwen we samen aan een veiligere bouwsector.

Verbeteren van veiligheid in de bouw vergt lange adem

Veiligheid in de bouw begint niet op de bouwplaats, maar bij de keuzes die wij als opdrachtgevers, ontwerpers, adviseurs en uitvoerende partijen dagelijks maken. Juist daar bepalen we de norm. Opdrachtgevers hebben de verantwoordelijkheid én mogelijkheid om veiligheid zichtbaar te maken in gedrag, besluitvorming en samenwerking.

Met het Programma Veiligheid in de Bouw zetten we die ambitie om in concrete acties. We versterken de regie op veiligheid, verankeren de versterkte rol van Coördinerend Constructeur, stimuleren het leren van ervaringen en werken zo samen aan het verder verankeren van veiligheid in projecten en organisaties. Daarbij bouwen we stap voor stap aan een cultuur waarin veiligheid niet wordt gezien als een afzonderlijke activiteit, maar als een vanzelfsprekend onderdeel van professioneel handelen.

We boeken voortgang met ons programma en werken initiatieven uit. Samen zetten we de volgende stap: van afspraken naar zichtbaar gedrag, van goede intenties naar een duurzame verbetering van de veiligheid in de gehele bouwketen. We leren dat echt veranderen van de bouwsector een kwestie is van lange adem. We zijn minder ver dan verwacht, maar hebben wel geleerd hoe belangrijk het creëren van draagvlak is.

Resultaten komen niet vanzelf en ook niet snel tot stand. Het vraagt tijd om te begrijpen waar bijvoorbeeld regie op veiligheid precies over gaat en waar je precies ‘ja’ tegen zegt als je als opdrachtgever een praktijkcasus wil starten. Het vraagt tijd om uit te zoeken of er draagvlak is voor nieuwe wetgeving zoals het OVV aanbeveelt in het rapport ‘Instorting hellingbanen parkeergarage Nieuwegein’. Het goede nieuws is dat we steeds meer zicht krijgen op hoe we dit programma integraal aanpakken.

Die lange adem hebben we en is nodig om praktijkcases te vinden, om overeenstemming te bereiken welke onderwerpen in die cases getest kunnen worden en uiteindelijk een ‘Go’ te krijgen. We houden in oktober een evaluatie van het programma en kijken vooruit naar wat we de komende jaren willen bereiken en wat hier aan richting, mandaat en middelen voor nodig zijn. Binnenkort meer over onze plannen voor de komende jaren.

Haringvlietbrug ingezet als praktijkcase

Net als veel andere bruggen staat de Haringvlietbrug voor een vervangingsopgave. Een vroegtijdige en integrale veiligheidsbenadering is daarbij cruciaal. Denk aan de uitwerking van de uitvoeringsvarianten, hoe de constructieve veiligheid geborgd moet worden tijdens de uitvoering, maar ook ten aanzien van nog uit te voeren conditionerende onderzoeken.

Binnen de Raamovereenkomst Stalen bruggen van Rijkswaterstaat is leren en verbeteren een belangrijk onderwerp. Daarom heeft Rijkswaterstaat besloten om het project Haringvlietbrug als praktijkcase aan te melden voor de drie thema’s van het programma Veiligheid in de bouw. Hoe deze case wordt ingezet om leerervaringen mee op te doen, wordt momenteel nader uitgewerkt.

Heb jij een project waarin je de principes van Veiligheid in de bouw wil toepassen? Mail naar info@veiligheidindebouw.nu.

Verslag mini-symposium

‘Wij bepalen de norm’– opdrachtgevers aan zet voor een veiligere bouwsector

De bouw veiliger maken begint niet op de steiger, maar bij de opdrachtgever. Dat was de rode draad tijdens het mini-symposium ‘Veiligheid in de Bouw voor Opdrachtgevers’ van de Governance Code Veiligheid in de Bouw en Aedes op 20 mei 2026. 

Volgens gastheer Anton van Opzeeland, voorzitter programmateam Veiligheid in de Bouw, hoort veiligheid thuis in elke fase van een project: van initiatief tot uitvoering. Niet als losse activiteit, maar als integraal onderdeel van alle processen. En minstens zo belangrijk daarbij: leer van elkaar en blijf verbeteren.

De thema’s Regie op Veiligheid en Constructieve veiligheid gingen in een deelsessie in op de vraag: hoe maak je veiligheid niet alleen een eis op papier, maar zichtbaar gedrag in de praktijk?

Belangrijk inzicht van de dag was: veiligheid is geen verantwoordelijkheid van één partij. Alleen door samen te werken – opdrachtgevers, ingenieursbureaus, aannemers en onderhoudspartners – kunnen we de sector structureel veiliger maken.

Lees hier het volledige verslag.

Wij zetten ons maximaal in om van het idee dat in de bouwsector nu eenmaal ongelukken gebeuren af te komen. Lees meer.